introductie

kenmerken

de Godsnaam

in de pers

beschikbaarheid

verdere informatie

De Godsnaam

De wens om de oorspronkelijke beleving zo goed mogelijk te benaderen leidde tot de keuze om de persoonlijke Godsnaam te gebruiken op dezelfde eerbiedige en vrijmoedige wijze als men gewend was in de tijd dat de Psalmen oorspronkelijk werden geschreven - dat is dus de alleroudste traditie!

Pas eeuwen later ging men het woord adonáai (of elohiém) gebruiken op de plaats waar in het Hebreeuws de Godsnaam, JHWH geschreven stond. Opmerkelijk: de Naam bleef zichtbaar en bleef zodoende ook bekend. Weer eeuwen later werd, een tweede stap, dit uitspraakvoorschrift in vertalingen echter ook in geschrifte doorgevoerd - in de Nederlandse vertalingen bv. schrijft men daar veelal HEERE of HEER. Dat was een fundamentele stap verder dan het eerste uitspraakvoorschrift! Maar juist daaroor verdween de eigennaam JHWH geheel uit beeld en nam de minder persoonlijke titel HEER de plaats daarvan in. En dat alles dus op grond van tradities die van een veel latere datum waren dan de oertekst. Waarmee de vraag zich aandient wat men wil volgen.

Voor deze vertaling woog het teruggaan tot de oorsprong zwaarder dan het volgen van de genoemde tradities, hoe respectabel die ook mogen zijn. Daarom lag het voor de hand om voor de geschreven tekst een Nederlandse transliteratie van de Naam te gebruiken.

 

De twee meest bekende/gebruikte transliteraties zijn ‘Jahweh’ en ‘Jehovah’. Vroeger werd de weergave ‘Jehovah’ algemeen aanvaard, later kreeg ‘Jahweh’ meestal de voorkeur in de veronderstelling dat dat de oorspronkelijke uitspraak het best zou benaderen. Dat is een stelling die niet zonder tegenspraak is. Bovendien dienden er zich uit de Psalmen zelf een een aantal opmerkelijke argumenten aan (aanwijzingen uit de poëzie en de structuur van de Psalmen) die erop lijken te duiden dat de Godsnaam oorspronkelijk toch niet uit twee, maar juist uit drie lettergrepen heeft bestaan  (de Verantwoording achter in het boek gaat dieper op deze aanwijzingen in, maar zie ook de toelichting op Psalm 80). Een interessante gedachte. Op grond van die overwegingen (en niet op grond van gewoonte) is er gekozen voor een transliteratie die eveneens uit drie lettergrepen bestaat, de al eeuwenlang bekende weergave ‘Jehovah’. Let wel, daarmee is niét gezegd dat dat meteen ook de correcte uitspraak zou zijn. En ook valt niet te ontkennen dat men vroeger vaak op verkeerde gronden meende dat Jehovah de uitspraak was. Maar ‘Jehovah’ is wel de transliteratie die, naar het de vertaler voorkwam, qua aantal lettergrepen het dichtst bij de oorsprong komt.

 

Belangrijk, deze keuze geldt dus de geschreven tekst! Het is aan de lezer om zelf te bepalen of men de Naam wil uitspreken, of dat men een andere voorkeur heeft.

 

reageren?

toelichtingen

 

Waarom de naam ‘Jehovah’ gebruikt ...